12/07
2005

Voeg: energieleveranciers verantwoordelijk maken voor besparing is belachelijk

Het is de wereld op zijn kop. Een energiebedrijf dat haar klanten moet aanzetten tot minder energieverbruik. Het plan van het ministerie van Economische Zaken om de energiebedrijven verantwoordelijk te maken voor de besparing bij haar klanten is dan ook "principieel belachelijk". Je zou net zo goed pomphouders verantwoordelijk kunnen maken voor het terugdringen van het benzineverbruik door automobilisten.

Dit stelt vrijhandelsorganisatie Voeg in een reactie op de kabinetsplannen zoals die vorige week vrijdag zijn ontvouwd in het Energierapport 2005. In dat rapport kondigde het kabinet aan dat het de energiebedrijven verantwoordelijk wil maken voor het terugdringen van het energieverbruik bij afnemers. Zo moet er vanaf 2008 jaarlijks 1,5% energie bespaard worden. Als de bedrijven er niet in slagen om het verbruik terug te dringen, moeten ze zogenaamde witte certificaten kopen van bedrijven die daarin wel zijn geslaagd. "Belachelijk" was de eerste en de tweede reactie van de Voeg. "Als je gedrag van afnemers wil beïnvloeden, moet je bij de afnemers zelf zijn en niet bij de energiebedrijven. Je moet de energieleverancier niet aansprakelijk stellen voor gedrag waar ze geen of nauwelijks invloed op heeft", zo zegt Voeg-voorzitter Eric van Teeffelen. Je zou net zo goed pomphouders verantwoordelijk kunnen maken voor het benzineverbruik van automobilisten. Stel je de volgende aanpak voor: "Pompstations krijgen binnenkort de verplichting om te zorgen dat hun klanten gemiddeld 1 op 15 of zuiniger rijden. Stations die teveel benzine- of diesel-slurpers als klant hebben, moeten klanten gaan weigeren, een toeslag voor asobakken gaan berekenen of certificaten van collega's, die veel zuinige klanten hebben, gaan kopen. Het niet halen van de doelstelling wordt aangemerkt als een economisch delict. En natuurlijk leggen we de lat in de loop van de tijd steeds hoger", zo illustreert de Voeg de onzinnigheid van het plan van het kabinet.

Daarnaast is er nog een ander aspect. Want de plannen leiden tot oneerlijke concurrentie. Bestaande grote energiebedrijven (zij die tien jaar geleden ook al bestonden, zeg maar) hebben veel overtollig personeel. Dat kunnen ze makkelijk inzetten om allerlei 'E-teams' te vormen die het energieverbruik bij de klant te lijf gaan. Bovendien kunnen deze bedrijven die teams dan voor de verkoop van hun eigen producten inschakelen, wat betaald wordt door een heel andere activiteit (namelijk stimulering van energiebesparing). Nieuwe efficiënte energiebedrijven beschikken niet over zoveel werknemers. Maar de nieuwe energiebedrijven kunnen toch personeel aannemen? "Ja, ze kunnen ook personeel aannemen om dalhia's op de markt te gaan verkopen en dat is ook niet hun taak", zo zegt Van Teeffelen.

En stel dat je als ministerie eigenwijs bent en je wilt het plan toch doorzetten, hoe ga je dan bepalen of de bedrijven hun energiedoelen zijn nagekomen? Moeten de energiebedrijven jaarlijks streven naar een bepaalde omzetdaling? Of wordt er gecorrigeerd voor allerlei factoren, zoals een toename van het aantal klanten, een omzetstijging in de zakelijke sector, etc? "Ik hoop dat Brinkhorst niet goed heeft nagedacht voordat hij zijn proefballon losliet of dat hij nog niet aan de uitwerking van het plan is toegekomen. Wat ik niet hoop is dat Brinkhorst wel heeft nagedacht en dit het beste resultaat daarvan is", aldus Van Teeffelen.

©, Energeia, 2005


EZ energiebesparing energierapport energieverbuik witte certificaten
geplaatst door: redactie VOEG


Reactie's op dit artikel:
Voeg een reactie toe:


(Zal niet worden getoond.)


    captcha spamblocker

Captcha Code